Woordentrommel
Jitse heeft weer niet stil gezeten. En haar mondje heeft ook niet stilgestaan.
Deze woorden rollen tegenwoordig ook weeral vlot over haar lippen:
* bijten
* maan
* hamaam. Neen, geen Turks stoombad, maar een Banaan
* boom
* auto
* kaas
* veesje (vleesje)
* paatje (paardje)
* koe
* boem (bloem)
* bajijon (ballon)
* itje (kindje) (Jitse)
Ze kan ook al wat namen: mma (oma), boppa (bompa), pake, make, meejnie (tante Mélanie), Tom, lien/ejien (tante Caroline), opa, Leen, Wie (de Wendy).
Wat Jitse vooral geleerd heeft de laatste maand is het gebruik van de magische woorden “Ja” en “Nee”.
En nee blijft nee.
Een dagelijkse conversatie ten huize van Ballaer:
wij: “Jitse, heb jij kaka gedaan?”
Jitse: “Jahaa”
wij: “Zullen we dan een propere pamper aan doen?”
Jitse: “Neehee”
wij: Kies maar een boekje, dan gaan we een propere pamper aandoen.
Jitse: “Nee!”
…
En dan volgt er een zeer intens zoeken naar afleiding van onzentwege, met nog meer “Nee’s” van dochters kant.
Soms winnen wij.
Nee, eigenlijk winnen wij altijd, maar soms wil ze meewerken en soms is het een gevecht. Het gevecht van de droge billetjes! Het gevecht van het jasje aan! Het gevecht van het badje uit!
Gelukkig zegt ze ook nog héél vaak “ja” en “jahaa”. Op vragen zoals: heb je lekker geslapen? Heb je mama gemist? Is mama jouw vriend? Krijg ik een kusje? Gaan we slapen? Wil je drinken bij mama? Is mama lief? Is mama mooi? Is mama grappig?
Fantastisch opgevoed, dat kind!
